Eindtoets Jeugdbescherming

  1. Home
  2.  » Eindtoets Jeugdbescherming

Jeugdbescherming & Privacy

 

Eindtoets ten behoeve van certificering

 

0

Eindtoets Jeugdbescherming & Privacy

U hebt in de afgelopen periode met succes de training Jeugdbescherming & Privacy doorlopen. Met deze eindtoets wordt u getest op uw kennis. De toets bestaat uit 33 multiple choice vragen. Wanneer u alle vragen heeft beantwoord en u op de ‘Verzenden’-knop heeft geklikt, worden de antwoorden naar een docent van AVG Compleet verzonden. Binnen een week ontvangt u de uitslag van de toets. Indien u de toets met een voldoende resultaat heeft behaald, ontvangt u tevens het certificaat ‘Jeugdbescherming & Privacy’.

U mag de toets éénmaal inzenden. U kunt de toets niet tussentijds afsluiten en op een later moment heropenen. Wel is het mogelijk om tijdens de toets terug of door te gaan naar de vorige of volgende vraag.

Succes!

U dient eerst uw gegevens in te vullen, zodat wij de resultaten correct kunnen versturen.

U dient eerst uw gegevens in te vullen, zodat wij de resultaten correct kunnen versturen.

1 / 33

De volgende uitspraken over informatieverstrekking aan een gezinsmanager, in het kader van een OTS, zijn allen waar:

I) De gezinsmanager moet in het belang van het kind over alle relevante informatie beschikken.
II) Er hoeft geen toestemming gevraagd te worden, de plicht tot geheimhouding kan eventueel worden verbroken.
III) Een jeugdhulpaanbieder die een medische behandeling biedt en onder de Wet op de geneeskundige behandelovereenkomst (Wgbo) valt, hoeft de relevante informatie niet aan de GI te verstrekken.

Deze stelling is:

2 / 33

Bij het doorbreken van je geheimhoudingsplicht maak je de afweging zonder zoveel mogelijk anderen hierbij te betrekken, leg je schriftelijk vast wat de afweging is geweest en vertel je de jeugdige en/of de ouders na de doorbreking waarom je de informatie hebt verstrekt.

3 / 33

Om een beroep te doen op de grond 'conflict van plichten' voor het delen van informatie, hoeft niet eerst altijd alles in het werk te zijn gesteld om toestemming van de cliënt te verkrijgen om de gegevens te delen.

 

4 / 33

Een melding in de Verwijsindex Risicojongeren bevat identificatiegegevens van de jongere, waaronder het BSN.

Deze stelling is:

5 / 33

Een melding in de Verwijsindex Risicojongeren bevat een inhoudelijke beschrijving van de aard van de melding en/of behandeling.

Deze stelling is:

6 / 33

Wanneer er sprake is van huiselijk geweld of kindermishandeling is de GI bevoegd, zonder dat er toestemming moet worden gevraagd en verleend, informatie over een cliënt te delen met Veilig Thuis.

Deze stelling is:

7 / 33

Wanneer de cliënt 18 jaar of ouder is, deze client niet in staat kan worden geacht tot een redelijke waardering van zijn belangen én een gemachtigde ontbreekt, kan in sommige gevallen inzage in of afschrift van een dossier aan een goede vriend van de cliënt worden verleend.

Deze stelling is:

8 / 33

Wanneer de cliënt 18 jaar of ouder is, deze client niet in staat kan worden geacht tot een redelijke waardering van zijn belangen én een gemachtigde ontbreekt, kan in sommige gevallen aan een broer of zus van de cliënt inzage in of afschrift van een dossier worden gegeven.

Deze stelling is:

9 / 33

Het maken van heimelijke video-opnames kan strafbaar zijn.

Deze stelling is:

10 / 33

Het maken van heimelijke geluidsopnames kan strafbaar zijn.

Deze stelling is:

11 / 33

Persoonsgegevens mogen altijd worden verwerkt wanneer daar toestemming voor is gegeven.

Deze stelling is:

12 / 33

Bij het bepalen van de wils(on)bekwaamheid van een jeugdige wordt voor het verkrijgen van bepaalde informatie uit zijn dossier onder andere gelet op het cognitieve ontwikkelingsniveau van de jeugdige en het psychisch functioneren van de jeugdige. Er wordt niet gelet op ...

13 / 33

De volgende uitspraken passen bij het onderwerp 'Conflict van plichten':

14 / 33

Welke stelling over persoonsgegevens in een dossier is niet waar?

15 / 33

Mag een medewerker van een GI informatie doorgeven aan een beroepskracht die over informatie beschikt die noodzakelijk is voor de uitvoering van een ondertoezichtstelling?

16 / 33

Geef aan wat er, om te kunnen spreken van een juiste zin, op de lege velden hoort te staan.

Als een cliënt meerder jarig is, 1)... , dan is in eerste instantie voor derdenverstrekking toestemming nodig van de wettelijke vertegenwoordiger of 2) ...

17 / 33

Je staat op het punt om informatie over een minderjarige cliënt te delen met een derde. In welke gevallen is er toestemming van de ouder met gezag vereist?

18 / 33

Wat is het centrale uitgangspunt bij het delen van informatie over een cliënt met derde?

19 / 33

Er volgen 5 uitspraken. Geef aan welke uitspraak onjuist is.

 

1. Persoonlijke werkaantekeningen zijn niet geschikt voor inzage.

2. Een medewerker van een GI maakt persoonlijke aantekeningen om in alle vrijheid gedachten en ideeën te kunnen vormen over het hulpverleningsproces.

3. Persoonlijke werkaantekeningen welke persoonsgegevens bevatten moeten ter inzage worden gegeven wanneer de client daar schriftelijk om vraagt.

4. Persoonlijke werkaantekeningen kunnen uiteindelijk worden verwerkt in een verslag of rapportage.

5. Persoonlijke werkaantekeningen moeten worden vernietigd zodra ze zijn verwerkt in een verslag of rapportage, of zodra ze niet meer relevant zijn om nog langer te bewaren.

20 / 33

Met de volgende punten dient rekening te worden gehouden bij de overweging of er aan een cliënt inzage mag worden verleend in (delen van) het cliëntendossier, waar óók gegevens van een derde in zijn opgenomen.

21 / 33

Weigeren inzage aan een betrokkene te verlenen kan onder andere wanneer door de verlening van inzage de GI niet geacht wordt de zorg van een goed hulpverlener in acht te nemen. In welke omstandigheid is dit niet het geval?

22 / 33

Indien een cliënt jonger is dan 16 jaar oud, of wanneer een cliënt 16 jaar of ouder is maar niet in staat kan worden geacht tot een redelijke waardering van zijn belangen ter zake, kan aan de volgende persoon/personen inzage in of afschrift van een dossier worden gegeven:

23 / 33

Vul de volgende stelling aan:
Wanneer ... kan inzage in een dossier aan een cliënt worden geweigerd.

24 / 33

Welke stelling is juist ten aanzien van de volgende uitspraak:
Persoonsgegevens kunnen uit een dossier worden gehaald wanneer een cliënt of andere betrokkene een beroep doet op het recht op vergetelheid.

25 / 33

Maak de volgende zin af:
Het gebruik van audio/visuele hulpmiddelen door een medewerker van een GI bij werkzaamheden mag alleen maar wanneer...

26 / 33

Heimelijke geluidopnames mogen als bewijsmateriaal worden ingebracht in een tuchtprocedure. Welke stelling ten aanzien van deze uitspraak is juist?

27 / 33

Er zijn vijf voorwaarden waaraan moet worden voldaan om de verwerking van persoonsgegevens door een GI rechtmatig te laten zijn. Een van die vijf voorwaarden is dat persoonsgegevens op een behoorlijke en zorgvuldige wijze worden verwerkt, in overeenstemming met o.a. de AVG en de Jeugdwet. Een tweede voorwaarde is dat het verwerken van persoonsgegevens in overeenstemming moet zijn met het doeleinde waarvoor ze zijn verkregen. De overige drie voorwaarden zijn:

28 / 33

Welke van de onderstaande uitspraken wat betreft de verplichtingen ten aanzien van het verwerken van persoonsgegevens zijn juist?

29 / 33

De GI verwerkt persoonsgegevens teneinde vijf doelen. Een daarvan is dat persoonsgegevens worden verwerkt om de uitvoering van de taken van de GI mogelijk te maken. Nog een doel is dat het verwerken van persoonsgegevens soms wettelijk verplicht is. Welke van de volgende drie opties is geen doel waarvoor persoonsgegevens mogen worden verwerkt?

30 / 33

Welke voorwaarde is niet noodzakelijk voor het verkrijgen van toestemming van een betrokkene voor de verwerking van persoonsgegevens?

31 / 33

Welke uitspraak is niet waar?

32 / 33

Binnen de GI worden persoonsgegevens verwerkt. Bij deze verwerking dient rekening te worden gehouden met diverse wetten. De wetten waarmee rekening moet worden gehouden zijn:

33 / 33

De vrouw uit wie het kind is geboren is juridisch moeder. De man die ten tijde van de geboorte met de moeder samenwoont, maar niet met haar is getrouwd, is juridisch vader.

Deze stelling is: